Panda

Het beertje Panda is een sterk karakter en was daarom zeer succesvol, ook in het buitenland. De strips verschenen tot op heden nog nooit integraal in boekvorm. Uitgeverij Panda heeft de monsterklus op zich genomen om in deze leemte te voorzien. Klik hier voor informatie over deze uitgave.

De geschiedenis van Panda

Toen de landgrenzen na de oorlog weer open gingen, trok Martens zakelijke compagnon Anton de Zwaan erop uit om de stripproducties van de Toonder Studio’s op de internationale markt te brengen.

De Amerikaanse cartoonsyndicators moesten hun Europese distributie nog herstellen, zodat hij grote belangstelling in beeldverhalen ontmoette van vele redacties en uitgevers. Helaas oversteeg de vraag zijn aanbod; zijn showmateriaal beperkte zich tot producties als Eric de Noorman, Tom Poes, Olle Kapoen, Kappie en enkele gagstrips.

Om die reden blies Marten Panda tot leven: een prettig te tekenen beertje vol zwart-wit contrast en met een hoog aaibaarheidsgehalte. Een figuurtje ook waar men zich mee kon identificeren. Want Panda’s vader stuurde hem de wijde wereld in en gaf hem daarbij een daalder met de raad om goed zijn best te doen zodat hij op eigen benen kon staan. In het eerste verhaal al ontmoette hij een sluwe vos, duidelijk geïnspireerd op Reinaert, de mooiprater uit het gelijknamige middeleeuwse dierenepos, en die nu Joris Goedbloed heette.

Panda gaat op avontuurPanda slaagde er op den duur in om zijn daalder om te zetten in een klein fortuin waarmee hij zich een buitengoed (Hobbeldonk) en een butler (Jollipop) aanschafte, zodat hij de allures van heer Bommel kreeg.

Panda werd de bestseller van de Studio’s, met plaatsingen in tal van Europese kranten en tijdschriften in Australië, België, Curacao, Denemarken, Duitsland, Engeland, Finland, Frankrijk, Ierland, Luxemburg, Noorwegen, IJsland en Zweden. Vooral de plaatsing in Britse kranten droeg bij tot zijn prestige. Speciaal voor die markt werden de onderschriften vervangen door balloons.

In Nederland verschenen de 198 verhalen over Panda van 23 december 1946 tot en met 31 december 1991 zonder onderbreking in de bladen van de Grote Provinciale Dagbladpers.